Het Meere orgel


foto's : ©   Frans Sellies



In 1810 bouwde Abraham Meere (1761 - 1841) een orgel voor de kerk van Onze Lieve Vrouw "buiten de Witte Vrouwenpoort" te Utrecht. Het onderhoud was in handen van Meere. Na zijn dood in 1841 kwam het onderhoud in handen van H.D. Lindsen. Toen de kerk kort na 1850 werd uitgebreid, verrichtte Lindsen een schoonmaak en een klein herstel. Nadat ook Lindsen was overleden (in 1861) namen de orgelmakers P. Maarschalkerweerd (1812-1882) en diens zoon Michael (1838-1915) het onderhoud over. Het orgel verkeerde rond 1876 in vervallen staat. De orgelmakers Maarschalkerweerd voerden reparaties uit. In 1895 werd het orgel overgeplaatst naar de nieuw gebouwde kerk en werd het orgel vergroot.
Nadat de orgelmakerij van Maarschalkerweerd was opgeheven werd het onderhoud van het orgel verricht door de fa. Elbertse uit Soest. Zij voerden in 1936 en in 1944 kleine herstelwerkzaamheden uit; in de vijftiger jaren van de 20e eeuw werden enkele registers aan het bovenwerk toegevoegd en werd de overblazende Fluit van het hoofdwerk tot Open Fluit afgesneden. 

Rond 1970 viel het besluit het grote kerkgebouw door een kleiner te vervangen. Met een aantal andere elementen zou ook het orgel naar het nieuwe kerkgebouw worden overgebracht. Tijdens deze verplaatsing is het orgel gerestaureerd door de firma Verschueren Orgelbouw B.V. uit Heythuysen. De manualen zijn hierbij gereconstrueerd naar de situatie van 1810. Ook werd een geheel nieuw klaviatuur en registratuur aan de zijkant van de onderkast aangebracht. Op 30 oktober 1974 kon het hernieuwde orgel worden ingewijd. De Onze Lieve Vrouwe ten Hemelopnemingkerk aan de Biltstraat is in september 1992 gesloten. Op 6 september 1992 werd daar een laatste orgelconcert gegeven. Het orgel, een rijksmonument, is daarna door Verschueren geplaatst in de Sint Aloysiuskerk. Op 13 maart 1994 is het orgel in de Sint Aloysiuskerk ingewijd.

 

 

De dispositie van het Meere orgel (1810) is:

Hoofdwerk (C-f3) :

Bourdon 16'
Prestant 8'
Holpijp 8'
Octaaf 4'
Quint 3' - 1974/1993
Octaaf 2'
Mixtuur III-V (B / D)
Trompet 8' (B / D)          
Bovenwerk (C-f3) :

Roerfluit 8' (B /D)
Fluit Travers 8' (discant)
Fluit Dous 4'
Woudfluit 2'
Flageolet 1'
Carillion III (discant) - 1974
Dulciaan 8' - 1895 
Tremulant    
                              

Pedaal (C-d1) :

Subbas 16' - 1895 
Prestant 8' - 1895  
        


Koppelingen: Pedaal - Hoofdwerk en Hoofdwerk - Bovenwerk.